De Vuilnisdienst

20181105_095513Op vrijdag is bij ons het papier niet opgehaald. Vier containers, plus een flinke stapel dozen, zijn langs de weg blijven staan. Het ophaalpunt is recht voor onze voortuin. Op zaterdag stonden die containers er nog steeds, een uitnodiging voor jongeren, afkomstig van een feest in de Markthal, om er ’s nachts enkelen om te gooien, en dozen over de straat te verspreiden. Gelukkig hebben omwonenden, inclusief wijzelf, dat zondag zo goed en zo kwaad weer enigszins opgeruimd, maar er liggen nog steeds papiersnippers op de weg, op de stoep en in onze voortuin.

Maandag eerst de Afvallijn maar eens gebeld. Hoe zit het met het ophalen, en wat gaan we aan het probleem van die rotzooi doen?

Mevrouw Jansen suggereert allereerst dat we de container vast te laat aan de weg gezet hebben, “moet wel vóór half acht, hoor!” Als ik haar bezweer dat dit niet zo is, meldt ze doodleuk dat de ophaaldienst het dan waarschijnlijk vergeten is, afgelopen vrijdag. Oh, en ze komen het niet nog ophalen, hoor, dat doen ze niet. We moeten de container maar gewoon weer binnen zetten. Wanneer het dan wel wordt opgehaald? “Volgende maand weer, volgens de afvalkalender, hé. Daar is ‘ie voor”. En die kartonnen dozen? “Ja dat is zwerfafval, meneer, waarschijnlijk aan de weg gezet door omliggende bedrijven, en daar gaat de ophaaldienst niet over”. Maar wat nou als dat gaat rondslingeren, zoals zaterdagnacht? Of wat als het gaat regenen, en het karton nat wordt en uit elkaar valt? Zoals ze al zei, mevrouw Jansen gaat daar niet over. “De gemeente bellen, meneer, de Gemeente Montferland, wij in Zevenaar gaan daar niet over”. Kastje -> muur. Van excuses is geen sprake, van zorgen over die rotzooi kennelijk ook niet.

10 minuten later heb ik de receptie van de gemeente Montferland aan de lijn. Ik leg mijn probleem uit aan mevrouw De Vries, en dat ik graag met iemand van het ambtenaren apparaat verantwoordelijk voor afval zou willen praten. Allereerst suggereert ze dat die containers waarschijnlijk te laat aan de weg gezet zijn, “moet wel vóór half acht, hoor!” Als ik haar ook verzeker dat ze daar toch echt al de avond van tevoren stonden, stelt ze voor dat ik de afvallijn in Zevenaar maar eens moet bellen. Die zijn verantwoordelijk, en die hebben een camera – misschien op de vuilniswagen, ik weet het niet – die precies kan zien of de containers er al stonden of niet. Muur -> kastje, wellicht? Behalve dan dat kastje eerder niets over die camera had losgelaten.

Ik leg uit dat ik die al gebeld heb, en dat ik eigenlijk liefst met iemand van het ambtenaren apparaat spreek, om mijn zorgen duidelijk te maken. Dat kan niet. Mevrouw De Vries van de receptie herhaalt het protocol nog maar eens, dat zij een melding zal maken, en dat ik daarna teruggebeld zal worden. Ook zegt ze toe zelf de afvallijn te gaan bellen, en dat ook zij mij nog zullen terugbellen. Ze herhaalt ook nog maar eens dat het onze eigen verantwoordelijkheid is die containers op tijd aan de weg te zetten, en op tijd weer binnen te halen. Mijn suggestie dat de gemeente toch ook enig verantwoordelijkheid heeft, namelijk om in de tussentijd het afval te komen ophalen, daar betalen we toch met z’n allen gemeentebelasting voor, daar krijg ik geen antwoord op. Gek genoeg is ook mevrouw De Vries niet echt van de excuses, of van zich zorgen maken over de troep op straat. Er is eigenlijk geen probleem, er is slechts een protocol.

Van de gemeente, of van de afvallijn, verwacht ik natuurlijk niets meer te horen. Maar ja, mevrouw De Vries heeft me dan ook niet naar mijn telefoonnummer gevraagd, staat niet in het protocol. Niets kastje, alleen maar een muur.

Maar ik heb weer eens te vroeg geoordeeld, ben weer te sceptisch geweest.  Drie uur later belt een handhavings-ambtenaar me op te zeggen dat hij de oorsprong van de dozen heeft gevonden, en dat die nu door de betreffende bedrijfseigenaren weer worden weggehaald. En verdraaid, als ik naar buiten kijk, zijn ze inderdaad weg! Het wordt nog mooier. Nog een half uur later belt iemand van de afvaldienst op om te zeggen dat er afgelopen vrijdag iets mis is gegaan, en dat ze morgenochtend alsnog het papier komen ophalen. En dat alles op mijn vaste lijn, niet het nummer waarmee ik ‘s ochtends gebeld had. Ze weten allang wie ik ben, bij de gemeente.

Maar het systeem werkt! Als je maar vasthoudend genoeg bent.

De Sigarenwinkel

Ik bewaar dierbare herinneringen aan de sigarenwinkel van De Graaff, een prachtige winkel in de Heulstraat, in het hartje van Den Haag. Als 16-, 17-jarig jongetje ging ik af en toe op zaterdagochtend met mijn vader de stad in, en vaak was het enige doel de sigarenwinkel.  Bij De Graaff kon je geen sigaretten kopen. Ook waren er geen tijdschriften of kranten, geen kauwgum of chocoladerepen, geen frisdranken uit een koelkast. De heer De Graaff verkocht alleen sigaren, pijpen en pijptabak.

Mijn vader was fervent pijproker, en ging zich nogal eens te buiten aan het aanschaffen van weer een pijp, al had hij er al meer dan 40 thuis staan. Hij kocht ook blikken-vol tabak van een gerenommeerd, duur merk, waar hij met volle teugen van kon genieten. Ik rookte sigaretten.

Op zaterdagochtend was het altijd druk in de winkel, en toch had de heer De Graaff iedere keer weer een momentje om juist binnengelopen klanten, of potentiële klanten, te begroeten. Onberispelijk gekleed, in driedelig pak en vlinderdas, kwam hij met uitgestoken hand op ons af, en vroeg wat er van onze dienst was. Ik kocht er ooit mijn eerste pijp, voor zo’n 10-15 gulden; voor mij een heel bedrag toen. Dat doet niet af aan het feit dat mijn vader regelmatig tien keer zoveel besteedde aan een enkele pijp. Toen ik meneer De Graaff eens vroeg of je dat verschil er nou vanaf rookte, zei hij heel diplomatiek: “Ach, meneer – hij noemde mij meneer! -, ik heb klanten die pijpen van 1000 gulden kopen, en zij zijn er heel blij mee”. Een wijze les die ik nooit vergeten ben.

Onlangs was ik weer in Den Haag. Mijn pijp-rook carrière is van korte duur geweest, en ook met sigaretten roken ben ik lang geleden gestopt. Maar ik was met een buitenlandse vriend, die nog echt kan genieten van goeie sigaren. Wat is nou mooier dan hem, naast de Hofvijver en het Binnenhof, ook een echte Hollandse sigarenwinkel te laten zien? Een winkel die niet alleen mijn vader en mij, maar ook Prins Bernhard en Winston Churchill nog tot z’n clientèle gerekend heeft?

Op donderdag aan het eind van de middag is de winkel leeg, op de winkelier na, die achter de toonbank de krant zit te lezen. Op mijn vriendelijke “goedemiddag” bromt hij iets onverstaanbaars terug. Mijn vriend en ik bewonderen de schappen, en de vele sigaren in verschillende vormen en maten. De winkelier – zou het de zoon van de ouwe heer De Graaff zijn? – kijkt niet op of om, blijft stoïcijns de krant lezen. Zelfs na vijf minuten maakt hij nog geen aanstalten zijn potentiele klanten te woord te staan, hij slaat slechts de pagina om.

We zijn maar weer weggegaan, bang de winkelier verder te storen. In de Passage zit een winkeltje met souvenirs, en die verkopen ook rookwaar. De twee verkopers zijn net zo enthousiast over houten klompjes als over Hollandse sigaren, waarvan ze een mooie collectie hebben. Iets kleiner inmiddels, nadat mijn vriend flink heeft ingeslagen.

Mijn vader zou zich in zijn graf omgedraaid hebben. En zo zou de ouwe heer De Graaff.

De Wijnwebwinkel

 

Onder mijn huis heb ik een bescheiden keldertje, waar ik inmiddels een bescheiden wijn verzameling heb opgeslagen. Ik hou wel van een wijntje, maar ik ben Hollander genoeg om koopjes af te wachten, en met een kelder werkt dat prima, want je kunt je slag slaan bij een goede aanbieding, zonder dan meteen de hele keuken of eetkamer vol te moeten stouwen met flessen.

Eén van mijn favoriete wijn leveranciers is wijnvoordeel.nl, een webwinkel met een hele rits van wijnen, waarvan sommigen er niet erg veelbelovend uit zien, maar anderen juist heel aantrekkelijk klinken, en ook uitstekend smaken – dat alles natuurlijk binnen een redelijke prijs/kwaliteitsverhouding.

Ik ben een vrij goede klant van wijnvoordeel.nl. Toch schijnen ze het nodig te blijven vinden mij te bombarderen met hun marketing campagnes, soms tot wel twee of drie emails per dag, met wéér een héél speciale aanbieding, die ik toch vooral onmiddellijk moet kopen, omdat de voorraad zéér beperkt is en ze verwachten dat het storm zal lopen – om vervolgens nog dagen lang herhaald te worden, met hetzelfde dreigement dat het nú écht bijna op is. En daarbovenop ook nog eens regelmatig flyers in de brievenbus, in geval ik de emails niet lees. Ook schattig: vele van die emails en flyers zijn ondertekend door René en Harriet, die claimen de oprichters te zijn, en je zo ongeveer willen laten geloven dat ze hun enthousiaste business nog steeds heel kleinschalig vanuit hun garage runnen. Niettegenstaande het feit dat de site wijnvoordeel.nl door heel Europa voorkomt (weinvorteil.de, bourseduvin.be, vinovyhodne.cz, etc.) en de eigenaars van wijnvoordeel.nl bijvoorbeeld ook eigenaar zijn van wijnbeurs.nl, en verschillende andere webshops voor kranten en tijdschriften verzorgen – alles tesamen dus een vrij groot concern (volgens een ander internetforum komt één op de vier glazen wijn die in Nederland gedronken worden van wijnvoordeel.nl of geassocieerde site).

De prijs/kwaliteit verhouding van wijnvoordeel.nl wordt regelmatig positief beïnvloed door scherpe aanbiedingen – al is er volgens verschillende internetfora wel het één en ander af te dingen op die aanbiedingen: de oorspronkelijke prijs is namelijk niet of nauwelijks te verifiëren, omdat vaak niemand anders die wijn verkoopt. Dus de truc met wijnvoordeel.nl is om uit te vinden of de aanbiedingen inderdaad aantrekkelijk zijn, of dat er maar wat met prijzen en een huiswijntje gesjoemeld wordt. Ik zoek dan ook regelmatig op internet naar de wijnen van wijnvoordeel, helaas niet zelden zonder veel succes.

Onlangs kwam er weer eentje voorbij, ik citeer “een authentieke topwijn uit de Bourgogne…., de statige Madame Veuve Point uit de Hautes Cotes de Nuit”.“De familie Point is al sinds eind 18de eeuw eigenaar van een prachtig stukje landgoed, gelegen in het hart van Pouilly Fuissé met schitterende wijngaarden. In 1904 besloot Madame Veuve Point deel te nemen aan St. Louis World’s Fair (USA). Hoewel ze een grote reis per boot moest afleggen, was dit wel dé grote kans om hun schitterende authentieke Bourgognewijnen te presenteren aan de wereld.” En: “Hierdoor kwamen enthousiaste kopers uit de hele wereld naar het schitterende landgoed van de familie. Vandaag de dag zorgt haar kleindochter voor het landgoed en de wijnen.”

Eens even googlen. Hmmm. De enige sites die deze wijn hebben zijn de zustersites van wijnvoordeel.nl, en allen hebben alleen maar de 2014 jaargang, niets ouders. Ook niet bij gewone slijters die niets met wijnvoordeel.nl te maken hebben. Toch maar eens even informeren dan, bij wijnvoordeel.nl. Waarom ik die wijn niet op internet kan vinden. Ook maar meteen vragen hoe het komt dat kleindochter Point een stukje land heeft in de Pouilly Fusé, in het uiterste zuiden van de Bourgogne, terwijl de wijn uit de Cotes de Nuit komt, in het uiterste noorden. Ahh!! Dat van de locatie van de wijngaarden, daar kwam een heel vaag verhaal over, maar dat van die website, dat komt omdat het gaat “om een klein, ouderwets bedrijf wat ervoor kiest geen internetsite te onderhouden, maar alle aandacht op de wijn te richten. Daarom zijn ze moeilijk te vinden.” Natuurlijk! Dat ik daar niet eerder aan had gedacht! Of ik dan in ieder geval een adres mocht hebben, om ze eens te bezoeken als ik in de Bourgogne ben. Hmmm. Ik krijg wel een adres, wat verder niet te verifiëren is, maar “Het wijnhuis staat helaas niet open voor bezoekers. Ze zijn er niet op ingericht, maar willen ook geen bezoekers ontvangen. Men wil of kan hier niet de tijd voor vrijmaken.” Hoewel de meeste wijnboeren in de Bourgogne wel degelijk aan huis verkopen, en het vaak juist leuk vinden kopers te ontvangen; wij hebben daar goeie ervaringen mee.

Madame Veuve Point (1)Wijnvoordeel.nl besloot wijselijk niet verder in te gaan op mijn suggestie dat, als de vrouw in de afbeelding bij de advertentie van de wijn inderdaad mevrouw Point was ten tijde van de Wereldtentoonstelling van St Louis, een struise dame van zeker boven de 30, misschien wel 40, die inmiddels weduwe was geworden – vanwaar anders de naam? – en dus al een kind moet hebben gebaard, een kind dat in dat geval in 1904 wellicht 5 of 10 jaar oud was, de kleindochter van mevrouw Point dus ergens tussen 1920-1930 geboren moet zijn, en dus nu ergens tussen de 85 en 95 jaar oud is: niet een leeftijd waarop je nog snel even een website ontwikkelt, zeker niet als je ook nog een wijnhuis moet runnen.

Anyhow, conclusie: lariekoek, Madame Veuve Point bestaat niet, noch haar kleindochter, noch haar fameuze wijnhuis, dat niet bezocht wil worden. Toch maar niet proberen, deze aanbieding; heeft te veel weg van een eigen labeltje, geplakt op een druivensapje van onduidelijke afkomst. Maar, eerlijk is eerlijk, wijnvoordeel.nl bood me wel aan een afspraak met één van hun andere wijnleveranciers in de Bourgogne te maken, om te bezoeken. Zo zijn ze dan ook wel weer, flexibel en sportief.

Ik blijf gewoon klant, hoor.

De Mediamarkt (2)

2015-10-26 12.00.37 (640x480)

Hoewel mijn computeraankoop niet succesvol was, had mijn vrouw wel iets gekocht, in de Mediamarkt, en dat moest natuurlijk nog even afgerekend worden. Bij de kassa stonden vijf medewerkers, waarvan vier met hun armen over elkaar. Eén van de kassa’s was bezet, de anderen niet, dus ik loop daarnaar toe. Eén van de armen over elkaar doet haar armen van elkaar, en wijst naar de enige kassa waar mensen voor staan te wachten. Niet veel, maar toch een kleine rij, genoeg om het initiatief te nemen een tweede kassa te openen. Dat suggereren liep op niets uit, ik had dat mooi verkeerd begrepen, alleen die andere kassa is open. Armen weer over elkaar.

En toen maakte ik een cruciale fout! Ik vond het gezicht van die vier mensen met hun armen over elkaar zo mooi, dat ik er een foto van wilde maken. Dus ik haal mijn telefoon te voorschijn, en richt op de vier. Twee schieten onmiddelijk weg, alsof ik een Kalashnikov in mijn hand heb, één draait zich schielijk om, om niet herkend te worden, alleen de vierde is te traag – kreeg z’n enkels niet snel genoeg van elkaar, denk ik. Maar hij grijpt wel direct naar z’n telefoon, en belt op luide toon ‘security’.

Ik sta nog een poosje te wachten, want die rij bij de kassa is best lang, tot ik enigszins ruw op mijn schouder getikt wordt. Iets te ruw, eigenlijk, het heeft meer iets weg van een duw, van iemand die meteen zijn aanwezigheid even wil benadrukken. “Is er een probleem hier?”, vraagt een grote, maar nog vrij jonge man met oortje. Daar is ‘security’! Hij heeft er weliswaar even over gedaan om te arriveren – als er hier iemand echt met een Kalashnikov gestaan had, had hij niemand meer kunnen redden, dat is wel zeker – , maar nu is hij er toch, vastberaden om de dreigende situatie zo snel mogelijk onder controle te krijgen. Ik vertel hem dat ik van geen probleem weet, maar zo makkelijk kom ik er niet vanaf. “Jij staat toch foto’s te maken, of niet soms?” Ho, ho, vanwaar die spontane benadering, U hebt het wel tegen iemand twee keer Uw leeftijd, zo niet meer, tutoyeren is vrij ongepast in deze situatie, meneer. Beetje respect zou wel op z’n plaats zijn. “Je mag hier helemaal geen foto’s maken” – mijn opmerking over respect, omgangsvormen enzo, wordt volledig genegeerd. Zo, en waarom mag dat dan wel niet? “Nou, dat zijn de huisregels”. Er waar staat dat dan wel? “Dat zijn de huisregels!”Juist ja, ik had ook geen ander niveau van communiceren hoeven te verwachten, natuurlijk. Ik leg uit dat ik alleen maar een foto heb willen maken om mijn klachtenbrief, die ik van plan ben te schrijven, te illustreren. Nu mengt armen over elkaar zich ook in het gesprek, spontaan maar op hoge toon uitleggend dat hij van de service is, niet van de kassa. Ik had toch even kunnen vragen waarom zij gewoon met hun handen over elkaar stonden. Dan neemt ‘security’ het weer over. Of ik even mee wil komen. Nee, dat wil ik niet. Oh. Nou ja, dan niet. Maar dan moet ik nog wel even die foto wil deleten, en dat moet hij dan wel controleren. ‘Tuurlijk, joh. Ik delete een willekeurige foto, ook wel wetend dat al mijn foto’s inmiddels al lang en breed in de cloud zijn opgeslagen.

Maar ja, dat weten ze bij de electronica winkel kennelijk nog niet.

De Mediamarkt (1)

Je kent ze wel, de grote electronica winkels, ketens die alles voor de goedkoopst mogelijke prijs aanbieden, maar daardoor zo op service moeten bezuinigen dat er geen enkele verkoper met kennis van zaken meer rondloopt. Dan kun je tenslotte net zo goed direct van het internet kopen. Maar goed, ik ben nog wat ouderwets, vind het fijn om het aan te schaffen product toch even in mijn handen gehad te hebben voordat ik bergen geld overhandig – nou ja, in de vorm van een plastic kaartje dan -, dus ik ga nog wel eens naar een echte winkel.

En nu heb ik een nieuwe computer nodig. Eerst even op internet wat vergelijkend onderzoek gedaan, om de keus tussen al die honderden desktops terug te brengen naar een overzichtelijk aantal (ik had gezegd dat ik ouderwets was, hé, dus voor mij gewoon een desktop, groot scherm, los toetsenbord, vind ik veel plezieriger dan een laptop). Keus gemaakt. En dan naar de winkel, om eens te kijken hoe dat er nu echt uitziet, en met een beetje geluk een exemplaar mee naar huis te nemen. Je moet de middenstand toch een beetje ondersteunen, nietwaar?

Het toeval wil dat er in de buurt net een nieuwe Mediamarkt geopend is. Mijn vrouw had ook iets electronisch nodig, dus eerst maar even met haar mee, en zowaar een vriendelijke, redelijk ter zaken kundige medewerker gesproken.  Toen ik hem vervolgens vroeg mij ook even met de computers te helpen, omdat ik mijn op internet gevonden model niet in de zaak kon vinden, bracht hij me naar een collega die er meer vanaf wist. “Wil jij meneer even helpen met het vinden van een vergelijkbare computer? Zijn eerste keus hebben we, geloof ik, niet”. Kijk, dat gaat de goede kant op, er zijn zowaar specialisten aan het werk als verkopers bij de Mediamarkt. Ik laat de specialist mijn papiertje zien, met merk, model en specificaties van mijn gewenste computer. “15 inch of 17 inch, meneer?”. Ja, maar U bent toch de specialist, dit zijn de specificaties van een desktop, niet een laptop. “Maar wilt U nou een laptop of een desktop, meneer?” Ik kijk hem stomverbaasd aan: ik heb toch mijn huiswerk gedaan, en de eerste beslissing daar, laptop of desktop, heb ik al lang geleden genomen, dat staat toch op dat papiertje? Misschien is het begrip ‘specialist’ toch iets rekbaarder dan ik had verwacht. Ik pak mijn papiertje terug, en zeg hem dat dit een desktop is, dat weet hij toch wel? “Nou, ik vraag het alleen maar, meneer. Dan zoekt U het verder zelf maar uit, hoor!” Ik kijk hem zo mogelijk nog stomverbaasder aan. Dus dit is de verkoper anno 2015. Dit zijn de mensen die het business model van de fysieke winkel overeind moeten houden. Dit zijn de mensen waarmee we gezamenlijk weer uit de economische crisis moeten geraken. Dit zijn de mensen die klagen als ze hun baan verliezen omdat die nieuwe Mediamarkt het naar alle waarschijnlijkheid niet gaat redden, met dit soort mensen.

Afijn, ik vind die computer wel ergens anders. Misschien koop ik hem toch wel direct van het internet. Wie koopt er nou nog in een echte winkel, dat is zo ouderwets.

De Vogelvoeder-gekte

2015-08-10 15.21.36 (640x289)

Wie kent ze niet, de vogelhuisjes? Leuk om in de tuin te hangen, de vogeltjes een beetje te helpen, en ze tegelijkertijd naar onze eigen tuin te lokken – tenslotte doen we het niet voor niets! En in de winter, als er niet veel te eten is, hangen we er nog een draadje met aanneengeregen pindas in de schil bij, voor die enkeling die niet naar het zuiden vertrokken is om te overwinteren. Zo ging dat vroeger.

Nou, daar kom je er niet meer mee, tegenwoordig. De tuincentra van Nederland liggen vol met, heus, een assortiment vogelvoedsel waar een supermarkt trots op zou zijn. Natuurlijk, vogels eten wormen, dus een zakje gedroogde meelwormen, dat spreekt voor zich. En ook populair, vogel-cake, een netje met een drie aardappel look-a-likes die er niet al te smakelijk uitzien, hoewel vogels daar mogelijk anders over denken. Maar de oeroude pindas in de schil, die vind je niet in de schappen.  In plaats daarvan, pindakaas. Pindakaas? Ja niet zomaar pindakaas, speciale vogel-pindakaas, zul je bedoelen. En net als in de supermarkt zijn er verschillende smaken, te beginnen met de ‘original’ (originele vogel-pindakaas? Echt?). Maar dat is niet genoeg, natuurlijk, er is ook vogel-pindakaas met nootjes, en pindakaas met bosvruchten. Zouden die vogels echt het verschil proeven? Zou je drie soorten pindakaas op een bordje doen, en zien welke er het eerste op is?

Om het analoog met de mensen wereld nog wat verder door te trekken, is er ook vogeljam – echt, in de smaken bramen en appel! – en geloof het of niet, vogel-hagelslag (hagelslag, dat is dat spul dat Nederlanders op hun brood eten, en de rest van de wereld als taart decoratie gebruikt – vogel-hagelslag zal dan ook wel alleen voor Nederlandse vogels zijn).

Dat vogelhuisje, dat zetten wij vroeger zelf in elkaar, een aardige opdracht bij de handenarbeidles. No more. Diezelfde tuincentra staan vandaag de dag vol met vogelhuisjes in alle kleuren en maten, van hout, van kunststof, met metalen dakjes, met klapdeurtjes. Misschien doe ik de test nog wel eens, er tien ophangen en zien welke het populairst is. Maar dat doe ik dan voor dat ik het ultieme in vogelhuisjes installeer, de mussen-villa!

Zijn we nu helemaal gek geworden? Nee hoor, het kan nog gekker. Er zijn ook al vlinder-kastjes, en er zijn flesjes vlinder-nectar, zodat we de vlinders ook aan onze eigen tuin kunnen binden – die zouden wel gek zijn nog ergens anders heen te gaan! Oh, en er is ook een duo-vlinderkast, speciaal voor vlinders en sluipwespen.

Vogels, vlinders. Wanneer gaan we ook eens zoiets doen voor vluchtelingen?

De Oven

Onze oven was kapot. Tenminste, elke keer als we hem aanzetten, gaat het licht uit in huis. Kortsluiting, dat is wel duidelijk, maar is het inderdaad de oven, of is het misschien de aansluiting? Eerst onze lokale middenstander met een witgoedwinkel maar eens gebeld. Nog voordat ik had uitgelegd wat er nou precies aan de hand was, had mevrouw Jansen de conclusie al getrokken: “U zet de oven aan, en dan slaan snel daarna de stoppen in de meterkast door? Dan is het verwarmingselement van de oven kapot”.

De volgende ochtend kwam meneer Jansen langs om de oven mee te nemen en te repareren. En toen werd het een tijdje stil. Uiteindelijk, na vijf dagen, belt meneer Jansen, om te vertellen dat één van de verwarmingselementen van onze oven kapot is. Waarom hij vijf dagen nodig had voor iets dat zijn vrouw over de telefoon al had geconstateerd, blijft een raadsel. Wel meldt hij dat ook de andere twee verwarmingselementen het naar zijn mening niet lang meer zullen houden, dus die moeten eigenlijk ook maar meteen vervangen worden. Drie keer €50,-, plus zo’n €100,- arbeidsloon, komt al gauw op €250,-. Als hij de elementen nog kan vinden, en dat is lang niet zeker.

Dan maar eens even op internet kijken wat een nieuwe inbouw oven kost. Een eenvoudige Bosch – toch een gerenomeerd merk – gaat voor €325,-, de volgende dag gratis thuis bezorgd. Maar zo eenvoudig is keuze maken niet. Beslist.nl heeft 1181 verschillende ovens en fornuizen, kieskeurig.nl ‘slechts’ 957. Nu hebben we al een nis, dus dat bepaalt de grootte, en reduceert de keuze tot zo’n 450 ovens. In prijs varierend van €325,-  (onze Bosch)  tot dik in de €2500,-. Vanwaar die enorme prijs verschillen?

Toch maar eens naar de winkel van meneer en mevrouw Jansen. Wij steunen de lokale middenstand, tenminste, tot op zekere hoogte – als mevrouw Jansen onze keuze kan leveren, voor een paar tientjes meer dan de beste internet aanbieding, wil ik haar onze business best gunnen. Eerst maar eens over dat prijsverschil. “Ah, die dure ovens, die hebben een aantal speciale automatische functies, bijvoorbeeld voor taartbakken, hoef je alleen maar op ‘taartbakken’ te zetten, en de oven doet de rest”. Zo’n 45 minuten op 175o zetten doet hetzelfde, natuurlijk, maar niet iedereen weet dat. En wat doe je als het recept net wat anders voorschrijft dan de standaard functie van de oven? Wint de oven, daar heb je tenslotte zo veel extra voor betaald, of wint het recept, daar heb je tenslotte een recept voor, nietwaar? Dilemas, dilemas. Doe mij maar een eenvoudige oven. “Oh, en als U een oven en magnetron in één wilt, ja, dan komt er zo al €1000,- bij”. Doe mij maar een oven zonder magnetron.

Dus ik vraag mevrouw Jansen of ze dat model – laten we het model A noemen –, of ze dat model kan leveren dat wij op internet gezien hebben, en wat dat dan moet kosten. Nee, dat kan ze niet leveren, die zijn uit de handel gehaald, trouwens, ze kan ook niet zien of daar wel een grill functie op zit. Verbazingwekkend, dit soort ovens worden toch standaard met grill geleverd? En op alle plaatjes en fotos staat dan ook het universele icoontje dat iedereen intuitief met een grill associeerd. Enfin, mevrouw Jansen kan wel een nieuwer model leveren – zeg, model B -, en dat komt dan op €530,-. 60% duurder dan onze internet keus, en significant meer dan die paar tientjes. Maar dan wordt ‘ie wel helemaal geinstalleerd. En wat is het verschil met model A? “Niets, ze zijn precies hetzelfde, meneer, alleen heeft model B verzonken knoppen. Nou ja, en dan dat van die grill dan hé, dan kan ik hier niet zien”. Wanneer? “Voor het eind van deze week”. Hmm, dat kan zo maar nog vijf dagen duren. En als we hem zelf installeren? Dat is tenslotte niet meer dan de stekker in het stopcontact doen, oven in de nis schuiven en twee schroefjes aandraaien. Het beste wat mevrouw Jansen kan aanbieden is €500,-. Nog steeds een heleboel meer dan die paar tientjes, en nog steeds vijf dagen later.

Nog maar eens op internet kijken. We kunnen voor model A kiezen uit 123keukenapperatuur.nl, keukenloods.nl, keukenwarenhuis.nl en verschillende keuken centra. Ook de grote ketens zoals Mediamarkt en BCC hebben de oven, allemaal voor €325,-. En allemaal met grill functie. Model B is €100,- duurder, de kosten voor de verzonken knoppen.

Dan maar via internet bestellen, onze liefde voor de lokale middenstand kent tenslotte grenzen. Gewoon model A. Volgende dag geleverd. Even pinnen bij de chauffeur. In vijf minuten uitgepakt en geinstalleerd. Je vraagt je af waarom de lokale middenstand het business model niet aanpast, zij kunnen toch ook bij keukenloods.nl bestellen, en dan met een opslag van een paar tientjes afleveren en installeren bij de klant? Hebben ze toch mooi weer een paar tientjes verdiend.

Mevrouw Jansen reageerde zuinig toen ik haar belde om te vertellen dat we toch maar een internet aankoop hadden gedaan. Ze zou dan wel nog even een rekeningetje maken voor het ophalen en onderzoeken van de oude oven, zei ze. Toch nog een paar tientjes verdiend.

’s Avonds voor het eerst de nieuwe oven geprobeerd. Wat krijgen we nou? Verzonken knoppen? Hebben ze bij keukenloods.nl zomaar model B geleverd!

De Krantenbezorging

Natuurlijk gaat er wel eens iets mis bij het kranten bezorgen. In het dorp waar ik woon is er, volgens mij, ‘s ochtends maar één krantenbezorger, die alle ochtendkranten rondbrengt, en als die de avond ervoor een feestje gehad heeft, dan moet je maar afwachten wat er in je bus valt. En dus krijg ik soms een andere krant dan mijn abonnement voorschrijft. Eén keer had ik Trouw, lastig als je daar niet aan gewend bent. En een keertje de Telegraaf, misschien wel de ultime belediging voor sociaal-denkende intellectuelen die stevast op de Volkskrant geabonneerd zijn – en waar ik ook een abonnement heb. Kwam die bezorger overigens wel een kwartiertje later omwisselen; hoe die wist dat hij bij mij een fout gemaakt had, en niet bij iemand anders, dat is me een raadsel, zo klein is het dorp nu ook weer niet, maar goed. Ik kan daar wel mee leven.

Maar sinds een paar maanden is er structureel iets fout. Soms krijg ik op zaterdagen mijn Volkskrant helemaal niet, soms ontbreekt het zaterdag supplement, of zit er het supplement van een andere krant bij (weer Trouw). De bezorgdienst van de krant bellen, dat heeft al lang geen zin meer, je kunt daar alleen nog tegen een computer aanpraten, maar gelukkig kun je wel, online, melden dat je krant niet aangekomen is.

Iedere keer als ik zo’n melding maak, op de VK website – waar je overigens alleen maar terecht kan als je ook over een digitaal abonnement beschikt – krijg ik binnen een minuut een automatisch gegenereerde email met excuses voor het ongemak. Toch heeft dat iets ongemeends, vind je niet? Tenslotte heeft de directeur lezersservice van de Volkskrant, wiens naam onder die email staat, er geen flauw benul van dat hij die zojuist gestuurd heeft, noch heeft ‘ie weet van het feit dat ik mijn krant niet gekregen heb. Hij gaat wel mijn klacht onder de aandacht van de distributieafdeling brengen, en, als klap op de vuurpijl, krijg ik op basis van mijn klacht toegang tot de digitale krant. Dat klinkt een beetje als een speciale tegemoetkoming, een geste van de Volkskrant, maar ik heb natuurlijk al lang toegang tot de digitale versie, daar betaal ik voor. En trouwens, anders had ik niet eens een klacht kunnen indienen!

Mijn hoop was echter gevestigd op de distributieafdeling, die tenslotte toch op mijn klacht geattendeerd was. Maar ja, in twee van de drie weken na mijn eerste zaterdag klacht ging het weer mis; iedere keer kreeg ik weer zo’n welgemeende “excuses” email, iedere keer werd mijn klacht weer onder de aandacht van de distruibutieafdeling gebracht, maar die wist er toch blijkbaar geen raad mee.

Iemand bellen bij de krant, dat lukt niet, en een email sturen, gek genoeg is daar ook geen faciliteit voor op de website. Dan maar een brief, om mijn zorgen nader uit te leggen. En warempel, binnen een paar dagen kreeg ik een, volgens mij eveneens automatisch gegenereerde, brief terug. Mijn klacht was nu toch echt onder de aandacht van de distributieafdeleing gebracht, en iemand zou mij na een dag of tien nog even bellen, ook, om te zien of alles opgelost was. En jawel, iemand belde, en jawel, alles was opgelost.

Tot vandaag, vier weken later. Weer geen zaterdagsupplement. Weer melding gemaakt op de website. Weer een “excuses” email, weer dat pseudo-genereuze aanbod om online verder te lezen. Weer een brief geschreven. Verwachtingspatroon met betrekking tot een oplossing naar beneden bijgesteld.

Wat zou er toch aan de hand zijn? Dit is geen vergissing meer, natuurlijk. Zo stom zijn krantenjongens niet. Iemand wil graag mijn zaterdag supplement lezen – het gebeurt alleen maar op zaterdag. De krantenjongen zelf? Of biedt iemand hem een extraatje voor het supplement? Mijn supplement. Hoeveel Volkskrantlezers zijn er eigenlijk in mijn dorp? Wordt de supplementendiefstal wel eerlijk geroteerd?

Eén ding is duidelijk: de Volkskrant, die illustere distributieafdeling die iedere keer weer op mijn klacht attent wordt gemaakt, die gaat dit niet oplossen. Ze hebben niet het overwicht op hun bezorgers dat je zou mogen verwachten, niet de stok achter de deur; als ze de krantenjongen al hierop hebben aangesproken, lacht hij ze hartelijk uit. Misschien is hij wel de enige krantenjongen die nog over is in mijn dorp, de enige idioot die nog bereid is voor een habbekrats voor dag en dauw kranten te bezorgen. En voelt hij zich dus vrij onaantastbaar in zijn positie.

En misschien is dat wel de nieuwe realiteit. Misschien moet ik eens met de krantenjongen praten, en hem een extraatje aanbieden om mijn zaterdag supplement gewoon te laten zitten.

Trouwens, binnenkort dient zich de ideale gelegenheid aan. Hij zal vast één dezer dagen met Kerst- en Nieuwjaarswensen langskomen, een fikse fooi verwachtend. Daar doe je het toch allemaal voor, als krantenjongen? Of is dat business model ook achterhaalt?

De Huisartsenwissel

In Nederland bestaat vrije huisartsenkeuze. Dat betekent dat de consument – de patient – zelf mag kiezen bij welke huisarts hij of zij in de praktijk wil. En dat de huisarts je allleen mag weigeren als je echt te ver weg woont, of als de praktijk al vol is. Redelijke argumenten. Hij kan je ook weigeren als er fundamenteel verschil van mening is, bijvoorbeeld over het wel of niet toedienen van vaccinaties, of het wel of niet toepassen van euthanasie in daarvoor kwalificerende omstandigheden. Maar ja, daar kom je doorgaans pas achter als je al in de praktijk zit.

Ik was al een poosje niet erg gelukkig met mijn huisarts – het waarom, dat is een heel ander verhaal -, en toen zich een nieuw huisartsen paar aandiende in mijn woonplaats, besloot ik over te stappen. Internet providers en telefoon- en energiemaatschappijen staan te trappelen om zoiets onmiddellijk van je over te nemen, maar bij dokters ligt dat toch anders. Of ik nieuw was in de gemeente, vroeg de assistente? Nee, ik woon hier al enige tijd, ik wil gewoon van huisarts wisselen. Ah, maar dat kan zomaar niet! Ik moet dit eerst aan mijn eigen huisarts voorleggen, en als die akkoord gaat, zal hij het in het overleg met de huisartsengroep van mijn woonplaats opbrengen, en zien wie dan genegen is mij in de praktijk op te nemen. Echt! Van collega tot collega.

Ik dacht nog even het principe van vrije huisartsenkeuze te noemen, maar ach, zo’n assistente doet ook maar wat haar opgedragen is, en het heeft geen zin, is ook een beetje unfair, haar hiermee te confronteren. Dus een afspraak gemaakt met mijn ouwe dokter. Over twee dagen.

Op het spreekuur vraagt mijn dokter mij vriendelijk waar het aan scheelt – iets dat hij altijd doet, of ik nu met een zwerende wond voor hem zit of hinkend binnenloop, of, zoals deze keer, de assistente bij het maken van de afspraak verteld heb wat de reden van dit bezoek zal zijn. Je kent dat wel, je belt de dokter, krijgt de assitente aan de lijn, die wantrouwend vraagt waarom je de dokter eigenlijk wilt zien, en al laat doorschemeren dat wat haar betreft dit helemaal niet nodig is. Dus ik vertel de beste man dat ik van huisarts wil wisselen. Hij vraagt natuurlijk waarom – en dat is precies wat je had willen vermijden, maar goed. Breng je dan ook nog even op dat, in Nederland, er vrije huisartsenkeuze bestaat, en dat je niet begrijpt waarom dat hier zo moeilijk is? Je hebt hem net verteld ‘dat die vertrouwelsrelatie niet geworden is wat je ervan had gehoopt’ – waaruit hij natuurlijk ook afleidt dat je hem gewoon een slechte dokter vindt, die man heeft niet voor niets gestudeerd -, dus hij heeft er al de pest in, niet het juiste moment om de één of andere principiele kwestie aan de orde te stellen. Uiteindelijk telt het resultaat, natuurlijk, ook voor mij, op dat moment.

Na een paar onconfortabele momenten zegt hij toe dit nog diezelfde middag met mijn beoogde nieuwe huisarts te bespreken, en als die toestemt, kan morgen alles geregeld zijn.

Dus bel ik, niet morgen, maar overmorgen, mijn nieuwe huisarts op. Er zijn drie wachtenden voor me. Na een minuut of tien word ik te woord gestaan. Nee, ik zit nog niet in het systeem, nee. Nee, de assistente kan nog geen afspraak maken als ik nog niet in het systeem zit, nee. Dan maar weer mijn ouwe dokter bellen. Er zijn drie wachtenden voor me. De assistente weet van niets, zal het de dokter zo gauw mogelijk vragen. Volgende ochtend nog maar eens bellen. Er zijn vier wachtenden voor me. Ja, de dokter heeft het groene licht gegeven. En? Nou, we zullen de gegevens zo snel mogelijk oversturen. Maar, mevrouw, dat zijn toch allemaal digitale bestanden? Dat is toch een kwestie van microseconden? We hebben het over 2014, toch? Dat had ik toch mooi mis, maar we zullen het vanmiddag doen.

De volgende ochtend eindelijk mijn nieuwe dokter gebeld, voor een afspraak. Er zijn twee wachtenden voor me. Nee, we hebben Uw gegevens nog niet. Dan maar weer mijn ouwe dokter bellen. Er zijn vier wachtenden voor me. Ja, ja, we hebben alles overgestuurd. Ik blijf net zo lang doorzeuren tot de assistente het zelf gaat controleren. Had ik al verteld dat mijn nieuwe dokter in hetzelfde gebouw, 20 meter verderop zit? Uiteindelijk komt de assistente terug, nog nahijgend van die 20 meter, om te zeggen dat nu alles echt voor elkaar is. Ik heb een nieuwe huisarts.

Toen ik een half uurtje later belde voor een afspraak, was ik inderdaad geregistreerd. Helaas zit deze week al vol, en nee, dokter gaat volgende week op vakantie, dus over vier weken misschien?

De Zakenbank (2)

Het is toch niet goed gekomen met ABN AMRO en mijn zakenbankrekeningen daar.

Nadat ik samen met een zakenbankadviseur van de bank twee zakenbankrekeningen geopend had – ik ben bestuurder van twee verschillende VVEs, en die hebben allebei een aparte rekening nodig – begon ik trots met zakenbankieren. Dat wil zeggen, ik maakte wat geld over naar de rekeningen, en een van de andere huiseigenaren ook. Dat is wat leden van VVEs doen, het zijn huiseigenaren die maandelijks een bescheiden bedrag  overmaken naar hun gezamelijke rekening, zodat na verloop van tijd een spaarpotje is opgebouwd, waarvan grote reparaties aan het pand betaald kunnen worden.

Plotseling bleken de maandelijkse kosten van de rekening, tenminste, van één van de rekeningen, twee keer zo hoog als afgesproken. Na enig heen en weer bellen – dat gaat niet zo maar, je moet eerst naar een centraal nummer bellen, een uitgebreid keuzemenu door, en dan vragen of je met de zakenbankadviseur van enige tijd geleden kan spreken, degene waarmee je twee uur lang op kantoor die twee zakenbankrekeningen geopend hebt-, na enig heen en weer bellen, dus, bleek dat we tijdens die twee uur toch nog een kostenpostje, namelijk kosten voor internet bankieren, over het hoofd gezien hadden, en dat de nieuwe kostenstructuur toch echt correct was. Wat betekent dat de bankkosten bijna 10% van de totale jaaromzet van de VVE zou zijn. Ja, dat vonden ze ook wel veel. Nee, daar konden ze niets aan doen. En waarom dat slechts bij één van de twee rekeningen het geval was? Ja dat is wel gek, maar hoe het komt, dat weten we niet, gaat allemaal automatisch.

Dan maar op zoek naar een alternatief. Binnen afzienbare tijd zullen de kosten voor die tweede rekening ook wel verdubbelen, automatisch.

De allergoedkoopste zakenbankrekening kun je openen bij KNAB, een nieuwe internet-only bank. Helaas, dit geldt alleen voor ondernemers, niet voor verenigingen, die kunnen niet terecht bij KNAB. De één-na-goedkoopste zakenbankrekening – voor zover ik weet – is beschikbaar  bij SNS Bank. Even bellen. Natuurlijk, meneer, U kunt meteen een rekening openen, via de telefoon. Hier en nu! Niet nodig om 29 minuten aan de telefoon te zitten om een afspraak van twee uur over anderhalve week te maken. Een kwartiertje later heb ik inderdaad alle documenten in mijn inbox. Alleen even ondertekenen en terugsturen, kopietje paspoort erbij, en dan ontvang ik zo mijn Digipas waarmee ik de rekeningen online kan activeren. Kan niet makkelijker. Kan niet sneller. Waarom heb ik dit niet eerder gedaan?

En dan hoor ik niets meer. Er komt geen Digipas, er komen geen emails. Toch maar eens bellen, na een dag of tien. Ah, er is iets mis gegaan, Uw aanvraag is verkeerd gearchiveerd, maar we zullen het onmiddellijk in orde maken! Kijk, dat is nog eens klantenservice.

Een week later, nog geen Digipas. Maar weer eens bellen. Ah, maar we wachten nog steeds op documentatie, de splitsingsakte van de huizen van Uw VVE hebben we nog niet. Raar, want die had ik toch meegestuurd, met de formulieren en kopietje paspoort, en die zijn wel allemaal aangekomen. Anyhow, ik kan die akte zo even mailen, geen probleem. Hmm, maar dat idee van klantenservice krijgt nu toch een knauw. Iets meer initiatief had niet misstaan.

Maar, een dag of wat later, is daar toch de Digipas. Snel aan het werk, inloggen. Kan ik maar één van de twee rekeningen zien! Nog maar eens bellen. Ah, maar de Digipas is maar aan één rekening gekoppeld, voor die andere rekening moet eerst een machtiging afgegeven worden. Mevrouw, U maakt een grapje, U wilt toch niet beweren dat ik, als bestuurder van de ene VVE, mijzelf, als bestuurder van de andere VVE, moet machtigen. Denkt er iemand na, bij U op kantoor? Nou, dat had ik mooi verkeerd. De back-office heeft toch echt die machtiging nodig. Of er iemand nadenkt, op kantoor, daar hield mevrouw wijselijk haar mond over. En waarom niemand mij dat eerder, bijvoorbeeld nu een maand eerder, toen ik die rekeningen opende, verteld had? Ook daar had mevrouw geen antwoord op. Hmm, klantenservice? Dis-service, zou ik zeggen.

En dan hoor ik niets meer. Geen mail, met ‘meneer, alles is geregeld, onze excuses voor het ongemak’. Geen telefoontje, ‘meneer, nogmaals excuses, maar U en Uw gemachtigde zelf kunnen nu in ieder geval aan het werk’. Niets van dat al. Terwijl het toch duidelijk moet zijn geweest dat ik inmiddels vrij geirriteerd was door de gang van zaken.

Toch maar weer eens aangelogd, een paar dagen later. En warempel, ik kan nu beide rekeningen bedienen, met één en dezelfde Digipas. Het is gelukt!

 

Een week later belt een medewerker van het lokale kantoor van SNS op. Ze had gezien dat ik een rekening had geopend, en of ik misschien nog vragen had? Kijk, dat dan toch wel weer.